Dus 4 op de 10 starters was na 5 jaar nog steeds zzp’er. So what?

In de periode 2008-2010 zijn ruim 650 duizend mensen gestart als zzp’er. Na vijf jaar was 42% procent van hen nog altijd als zodanig actief. Dat meldt het CBS op basis van onderzoek naar loopbanen van startende zelfstandigen.

Zoals eigenlijk altijd wanneer het over zzp’ers gaat, moeten deze cijfers met de nodige voorzichtigheid worden geïnterpreteerd. Het grootste probleem is dat ze alleen maar iets zeggen over de crisisjaren, en niet over het heden.

Grafiek uit het besproken onderzoek

Het CBS heeft onderzoek gedaan naar de loopbanen van de 650.000 mensen die in de jaren 2008-2010 zijn begonnen met zzp’en.

Tot die groep wordt iedereen gerekend die in de betreffende periode inkomen uit arbeid heeft genoten zonder daarvoor in loondienst te zijn. Zeg: van de echte hard core zzp’er tot de middelbare scholier die op een overeenkomst van opdracht kranten bezorgt.

Van die heel ruim gedefinieerde groep had 5 jaar later 42% nog steeds zo’n inkomen als zzp’er, had 29% (alleen nog) een baan in loondienst, was 10% met pensioen, had 6% een uitkering, en had 4% personeel aangenomen.

25- tot 55-jarigen bleven het langst zzp’en

Binnen die totale groep van 650.000 hele, halve en kwart zzp’ers ziet het CBS een aantal interessante verschillen:

  • Mannen bleven langer zzp’en dan vrouwen, met een vijfjaars overleving van 46% tegen 38%.
  • Vrouwen gingen eerder (weer) in loondienst, mannen hadden vaker andere redenen om met zzp’en te stoppen.
  • Qua leeftijd waren het de 25- tot 55-jarigen die het langst bleven zzp’en. Jongeren en ouderen stopten vaak eerder.
  • De grootste overlevingkans hadden zzp’ers in de landbouw, de bouwnijverheid, en dienstverlening.
  • Opvallend weinig zzp’ers bleven lang bij de overheid werken.

Vergelijkingsmateriaal van de Kamer van Koophandel

Het CBS heeft zijn onderzoek gedaan op basis van gegevens van de Belastingdienst: de tot en met 2015 definitief vastgestelde aanslagen voor de inkomstenbelasting. Wat daar uitkomt ligt in lijn met de gegevens die de Kamer van Koophandel jaarlijks publiceert over de bedrijvendynamiek.

De gegevens van de Kamer van Koophandel komen uit het Handelsregister. Ze liggen op een iets hoger niveau dan die van het CBS, met voor de betreffende periode een vijfjaarsoverleving van 50 tot 60% in plaats van 40 tot 50%. Dat zou ermee samen kunnen hangen dat niet iedereen die stopt met zijn of haar onderneming, dat ook aan de Kamer van Koophandel meldt.

Drie belangrijke voorbehouden

Bij de uitkomsten van het CBS-onderzoek passen drie belangrijke voorbehouden, die de rekenmeester helaas zelf niet met zoveel woorden maken. Over het feit dat gekeken is naar de meest brede en diverse groep die je kunt bedenken, hebben we het al gehad.

Minstens zo belangrijk is echter dat starters zijn onderzocht uit een wel heel bijzondere periode, namelijk van van midden in de financiële crisis tot aan het staartje daarvan. De arbeidsmarkt in die tijd kenmerkte zich door een grote terughoudendheid van werkgevers om mensen in loondienst te nemen en zelfs door ontslagen.

Exacte gegevens over de achtergronden en de startmotieven van de nieuwe zzp’ers uit de eerste jaren van de crisis ontbreken, maar het ligt voor de hand dat de crisis ook mensen op het idee zal hebben gebracht om te gaan zzp’en die dat anders niet vlug zouden hebben gedaan.

Bovendien moet rekening worden gehouden met de mogelijkheid dat het door de economische situatie moeilijker was dan daarvoor en daarna om als zzp’er een succesvol bedrijf op te bouwen.Gezien de vrij vlakke ontwikkeling in het aantal faillissementen zal het effect daarvan niet heel groot zijn geweest, maar toch.

CBS-cijfers zeggen alleen iets over de crisisjaren

Al met al kunnen uit het CBS-onderzoek hooguit conclusies worden getrokken voor die toch wel bijzondere periode van 2008 tot en met 2010. Niet voor het heden, en al helemaal niet voor de toekomst.

Dat blijkt alleen al uit het feit dat in de onderzochte periode meer dan een derde van de mensen met een zzp-inkomen een hoofdinkomen had uit andere bron, als werknemer, gepensioneerde, uitkeringsgerechtigde of student.

Werken op zzp-basis is altijd al iets geweest  voor mensen die wat willen bijverdienen, voor mensen die zich willen oriënteren op de arbeidsmarkt, of die na hun pensionering niet meteen stil willen gaan zitten. Een flink percentage stoppers na vijf jaar is dan heel normaal: eerder een bewijs dat mensen hun weg vinden als werkende dan dat ze mislukken als ondernemer.

Wie een tijdje als ZZP’er heeft gewerkt en tot de ontdekking komt dat daar zijn of haar toekomst niet ligt, heeft niet gefaald maar heeft juist iets bereikt

De laatste gegevens van het CBS zijn uit het jaar 2015. Gegevens over 2016 en 2017 hebben we wel van de Kamer van Koophandel. Daaruit blijkt dat de overlevingskansen van startende zzp’ers stijgen. in 2016 was na vijf jaar nog 50% van de gestarten actief, in 2017 zelfs 60%.  De verwachting lijkt gerechtvaardigd dat het percentage starters dat langer dan vijf jaar blijft zzp’en, alleen maar verder zal toenemen.

De crisis is voorbij, het aantal vacatures groeit, het aantal werkzoekenden daalt. Werkgevers vechten om mensen die bij hen in loondienst willen. Wie niet uit zichzelf de wens heeft om zzp’er te worden of om dat te blijven, wordt door recruiters met open armen ontvangen.

Wie een tijdje als ZZP’er heeft gewerkt en tot de ontdekking komt dat daar zijn of haar toekomst niet ligt, heeft niet gefaald maar heeft juist iets bereikt.

 

 

Een gedachte over “Dus 4 op de 10 starters was na 5 jaar nog steeds zzp’er. So what?

  1. Joop der Weduwen

    Ook goed om te realiseren is, dat het aandeel zzp-ers onder de zelfstandigen al een aantal jaren stabiel is en wel rond de 74%. Dat wil natuurlijk niet zeggen dat het al die tijd dezelfde zzp-ers zijn binnen dat percentage, want ze komen en gaan. Wat het wel wil zeggen, naar mijn idee, is dat er een stabiele en dus grote groep aan zelfstandigen blijven werken als zzp-er en ook nog eens dat het in omvang het grootste gedeelte is van degenen die we als zelfstandigen aanmerken.
    Is dat een probleem of niet meer dan een gegeven? Mijns inziens een gegeven en afhankelijk van vele factoren (bij de zzp-er, de opdrachtgever en de (arbeids)markt). Het wordt pas een probleem als we politiek met een vergrootglas kijken naar deze heterogene groep van personen, met elk hun eigen argument om zo deel te nemen aan de economie.

    Reageren

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *