Een verplichte verzekering voor zzp’ers betekent onzekerheid voor iedereen

De kans is groot dat er een verplichte arbeidsongeschiktheidsverzekering voor zelfstandigen zonder personeel komt, klinkt het in de wandelgangen. Dat zou een slechte zaak zijn, betoogde ik samen met collega Roos Wouters van de Werkvereniging in het FD van 18 april 2019. Een verplichte zzp-verzekering gaat in tegen een fundamentele verandering die gaande is op de arbeidsmarkt.

Vroeger was iemand werknemer, werkgever of zelfstandige. Tegenwoordig hebben mensen steeds vaker meerdere soorten arbeidsrelaties naast elkaar en na elkaar. In 2014 had 62% van de zzp’ers andere vormen van inkomen naast het werk als zelfstandige, blijkt uit het rapport ‘Voor de zekerheid’ van de Wetenschappelijke Raad voor Regeringsbeleid.

Zekerheden koppelen aan het individu

Het precieze aantal zelfstandigen is onbekend. Maar in het vierde kwartaal van 2018 telde het Centraal Bureau voor de Statistiek bijna anderhalf miljoen mensen die het grootste deel van hun werktijd invulden als zelfstandige. Ook weten we uit het genoemde WRR-rapport dat naar schatting ongeveer 300.000 werknemers ‘bijklussen’ als zzp’er.

Dit soort hybride loopbanen vragen om zekerheden die zijn gekoppeld aan het individu, in plaats van aan een arbeidsrelatie. Daar zouden alle werkenden baat bij hebben, niet alleen de zelfstandigen. Op die manier zou iedereen zich vrij kunnen bewegen en ontplooien op de arbeidsmarkt, zonder vrees om zekerheden kwijt te raken.

“Nu al komt 73% van de zelfstandigen in geval van langdurige ziekte boven het sociaal minimum uit”

Een tweede reden is dat een verplichte zzp-verzekering een last vormt voor zelfstandigen die andere manieren hebben gevonden om hun risico’s te managen, manieren die veel populairder zijn dan de producten van de verzekeringsindustrie. Veel zzp’ers nemen deel in broodfondsen of hebben een vrij besteedbaar reservepotje voor de eerste periode van ziekte en spreken in de periode daarna hun eigen vermogen aan, in de vorm van hun onderneming, beleggingen of eigen woning.

Dankzij dit soort oplossingen komt momenteel 73% van de zelfstandigen in geval van langdurige ziekte boven het sociaal minimum uit, stelt het Centraal Planbureau. Daarboven hebben zelfstandigen natuurlijk nog de mogelijkheid ander passend werk te gaan doen.

Uit onderzoek van de Werkvereniging blijkt bovendien dat 53% van de zelfstandigen vreest dat arbeidsongeschiktheidsverzekeringen niet aan hen zullen uitkeren in geval van ziekte, omdat er bij hen geen onafhankelijke arts aan te pas komt. Zouden zij dat vertrouwen wél hebben, dan zou 40% van hen zich meteen inschrijven.

“De veelbesproken verzekeringsgraad van 20% vertelt slechts een deel van het verhaal” 

Het verzekeren tegen arbeidsongeschiktheid onder zelfstandigen is dus niet alleen een kwestie van onwil of onvermogen, voor veel zelfstandigen is het een kwestie van wantrouwen. Dat zal zeker niet weggenomen worden door hen verplicht te laten verzekeren.

Dit alles laat duidelijk zien dat de veelbesproken verzekeringsgraad van circa 20% slechts een deel van het verhaal vertelt. Voor iedere zzp’er die zijn of haar zaakjes geregeld heeft en zijn of haar leef- en bestedingspatroon daarop heeft ingericht, betekent een verplichte collectieve verzekering een dubbele verzekering tegen dubbele kosten.

Ondemocratisch en onnodig

Het is echt zorgelijk dat werkgevers- en werknemersorganisaties onderhandelen met politici om anderhalf miljoen zelfstandigen een oplossing op te dringen, zonder dat de zelfstandigen iets gevraagd wordt. Behalve ondemocratisch is het onnodig om beslissingen over zelfstandigen en hybride werkenden te laten nemen door vertegenwoordigers van de traditionele werkgevers en werknemers. Er zijn genoeg slimme manieren om hen te laten meebeslissen. Maak daar dan ook gebruik van.

Het is evident dat het sociale stelsel onder toenemende spanning staat en hoognodig op een andere, modernere leest moet worden geschoeid. Een verplichte arbeidsongeschiktheidsverzekering voor zzp’ers brengt dat helaas niet dichterbij.

Ontplooiingskansen

Door aan het bestaande bouwwerk nog eens een aparte verzekering toe te voegen voor nog eens een aparte arbeidsrelatie, beperk je de ontplooiingskansen van alle werkenden en hun mobiliteit op de arbeidsmarkt. De samenleving en de economie zijn daar niet bij gebaat, en de druk op het stelsel wordt er alleen maar groter door.

Wat ons betreft mag een verplichte verzekering voor zzp’ers er niet komen. In plaats daarvan is een fundamentele herziening van het hele stelsel nodig. Zodat werkenden niet vastgepind worden op een min of meer toevallige, en steeds vaker tijdelijke arbeidsrelatie. Zodat alle mensen de zekerheden krijgen die passen bij hun leven en hun werk, en bij de ontwikkelingen die zich daarin voordoen.

Bronnen

  1. Meerdere soorten arbeidsrelaties. Getal: 62%. Bron: WRR rapport ‘Voor de zekerheid’, pagina 24. Berekening: 508 duizend (zzp’er met alleen zzp-inkomen) gedeeld door 1349 duizend (totaal aantal personen met zzp-inkomen) x 100% = 62%
  2. Aandeel zelfstandigen dat sociaal minimum haalt. Getal: 73%. Bron: Centraal Planbureau policy brief ‘Zelfstandigen en arbeidsongeschiktheid’, figuur 7 op p. 12. Het betreft een statisch getal. De optie dat zelfstandige ander passend werk gaat doen, of dat een ander lid van het huishouden meer gaat werken zit er dus niet in.
  3. Aantal zelfstandigen. Getal = ruim 1,5 mln. Bron: CBS Statline. In Q4 2018 telde het CBS 1,455 mln mensen die het grootste deel van hun werktijd invulden als zelfstandige. Het precieze aantal van alle zelfstandigen is onbekend. Wel weten we uit het rapport van de WRR (onder 1) dat het aantal werknemers dat ‘bijklust’ als zelfstandige ligt in de ordegrootte van 0,3 mln. Als we beide groepen samen nemen lijkt ‘ruim 1,5 mln’ een veilige weergave van de feitelijke situatie.

Roos Wouters en Pierre Spaninks zijn aanjager respectievelijk opjutter van de Werkvereniging, het belangenplatform voor werkenden, ongeacht de contractvorm.

Update 6-6-2019: Boven een eerdere versie van dit blog (niet in het FD) stond ten onrechte dat Roos en ik spraken ‘namens de Werkvereniging’. Dat bleek aanleiding te geven tot misverstanden, en is daarom hier gecorrigeerd.

 

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *