“Is de ZZP’er straks de sjaak?”

“Fiscale voordelen voor zelfstandigen worden beperkt, schijnzelfstandigheid aangepakt, en verplichte regelingen voor pensioen en arbeidsongeschiktheid hangen in de lucht,” stelde Andre de Vos onlangs vast in een lezenswaardig artikel in Villamedia, het magazine van de Nederlandse Vereniging van Journalisten.

In dat artikel kwamen ook een paar relativerende uitspraken van mij terecht. De rest leest u hier. “Opdrachtgevers worden weer huiverig om met zzp’ers te werken, ook in situaties waar dat gewoon moet kunnen. Dat is de dood in de pot.”

Neemt de druk op zzp’ers toe?

Niet op zzp’ers als zodanig. Wel op werken op zzp-basis waar dat voor betrokkenen structureel onvoldoende inkomen oplevert en waar dat bovendien tot concurrentie leidt met andere contractvormen. In beide gevallen gaat het om een relatief klein probleem.

Er lopen momenteel twee discussies door elkaar heen. De ene gaat over sociale zekerheid, dat wil zeggen over de groep die volledig van een zzp-inkomen afhankelijk is en daar niet van kan rondkomen. De andere discussie gaat over de afbakening van wat arbeidsrechtelijk in loondienst moet en wat zelfstandig mag, dat wil zeggen over zzp’ers die in een situatie werken waar – nog steeds in theorie – sprake kan zijn van concurrentie met werknemers.

Maximaal 650.000 mensen werken fulltime als zzp’er en hebben verder geen andere inkomsten. Maximaal 10% hen zitten op of onder het minimum, zeg 65.000 mensen. Maximaal 400.000 mensen werken als zzp’er in een situatie waar in theorie sprake kan zijn van concurrentie met werknemers. Dan hebben we het over de mensen die tegen betaling hun eigen arbeid beschikbaar stellen aan zakelijke opdrachtgevers, in situaties waar collega’s in loondienst vergelijkbaar werk doen.

Hoe groot de overlap is tussen die eerste groep en de tweede, daar zijn geen harde cijfers over. Maar als we even veronderstellen dat de financiële problemen onder de tweede groep niet veel groter of kleiner zullen zijn onder zzp’ers in het algemeen, dan hebben we het over maximaal 10% van 400.000 is 40.000 mensen. Op een totaal van de ruim 1 miljoen mensen die bij het CBS als zzp’er te boek staan, is dat een heel kleine minderheid.

In het politieke en maatschappelijke debat gaat het alleen nog maar over die minderheid.  Op basis daarvan worden maatregelen voorgesteld (verplicht werken in loondienst, afschaffen van zelfstandigenaftrek, verplichte verzekeringen, verplichte pensioenopbouw) waarvan niet duidelijk is hoe die minderheid er wat aan gaat hebben maar waarvan je wel kunt uittekenen dat de meerderheid er vooral last van gaat hebben.

Maar zijn die maatregelen niet toch terecht, als je denkt aan oneerlijke concurrentie en aan ‘free riders’ in de sociale voorzieningen?

Free riders in sociale voorzieningen is een non-probleem. ZZP’ers kunnen indien nodig aanspraak maken op bepaalde sociale verzekeringen omdat zij daar premie voor betalen, naar rato van hun belastbaar inkomen. Net zoals werknemers. Maar de angst voor zzp’ers die massaal afhankelijk worden van de bijstand, in een recessie of na hun pensioen, is grotendeels onterecht.

De niet- of slecht verzekerden zijn vaak mensen die het zzp-werk er maar tijdelijk bij doen. Zoals studenten die voor Deliveroo rijden of gepensioneerden die klusjes doen. Drie van de vier zzp’ers reserveren wél voor hun oude dag en wie geen verzekering heeft tegen de financiële gevolgen van arbeidsongeschiktheid, neemt steeds vaker wel andere maatregelen om risico te managen.

Dat is ook weer zo iets waar harde cijfers over ontbreken – omdat er alleen maar onderzoek wordt gedaan naar de totale groep van alle zzp’ers – maar het ligt voor de hand dat de structurele zzp’ers hun zaakjes beter voor elkaar zullen hebben dan de incidentele.

Ik zie dan ook geen reden tot paniek en tot draconische maatregelen als een verplichte collectieve verzekering voor alle zzp’ers. Waar ik daarentegen wél reden toe zie, is een brede herbezinning op de sociale zekerheid in het algemeen. Het stelsel past niet meer bij hoe mensen nu leven en werken. Denk aan de hybride loopbanen of aan de Modern Werkenden waar bijvoorbeeld de Werkvereniging het over heeft.

Aparte en extra verplichtingen voor zzp’ers en andere zelfstandigen lossen dat probleem niet op. Ze creëren alleen maar nieuwe hokjes waar mensen al meteen niet in passen of waar ze binnen de kortste keren weer uit groeien.

Wat dan veel meer voor de hand ligt is om toe te gaan naar zekerheden die de werkenden volgen in hun loopbaan in plaats van andersom naar gelang hun contractvorm. Maak een basispakket op minimumniveau voor iedereen, met mogelijkheden tot bijverzekeren voor wie dat wil en kan.

En de discussie over de afbakening van loondienst en zzp, die moet toch ook nodig worden gevoerd?

Ja, helaas wel, niet omdat er een reëel probleem is op de werkvloer maar omdat de politiek daar een probleem heeft gecreëerd. De discussie is nodig geworden door de invoering van de wet DBA en het fiasco met de modelovereenkomsten. In plaats van dat er eenmalig kon worden vastgesteld of een werkende een zelfstandige was, moet nu van iedere opeenvolgende arbeidsrelatie van die zelfstandige worden aangetoond dat het geen dienstverband is.

IJkpunten en normstellingen uit de arbeidswetgeving en de jurisprudentie maken in 90% van de gevallen een heldere afweging mogelijk, maar in 10% niet. Denk aan afhankelijke werkenden, platformwerk, zeer lang durende opdrachten, werkzaamheden die behoren tot de kernactiviteiten van de opdrachtgever, en de gezagskwestie bij inzet van zelfstandige professionals. Iedereen is het erover eens dat daar begrippen en toepassing daarvan moeten worden gemoderniseerd.

Bij gebrek aan heldere keuze van het kabinet – in plaats daarvan is er weer een commissie ingesteld – zie je dat opdrachtgevers weer huiverig worden om met zzp’ers te werken, net als in de het eerste jaar van de wet DBA. Ook in situaties waar je denkt: ‘Daar zou het toch gewoon moeten kunnen.’ Dat is de dood in de pot, en dat terwijl de economie juist vraagt om de inzet van iedereen die wil en kan werken.

Maar heeft het niet ook voordelen, als er minder zzp’ers komen? Denk aan meer echt ondernemerschap, en hogere tarieven voor degenen die overblijven?

Verheldering (maar dan echte verheldering) van de afbakening tussen werknemer en zelfstandige zou een impuls kunnen zijn voor echt ondernemerschap, maar de huidige stagnatie in het beleid is juist fnuikend. Afhankelijke zzp’ers krijgen niet de bescherming die ze nodig hebben, zelfredzame zzp’ers niet de ruimte. Zo hebben we echt het slechtste van twee werelden.

Een positief effect op de hoogte van tarieven zie ik niet. Wat zzp’ers kunnen vragen voor hun arbeid, hun diensten, hun producten hangt niet af van dit soort beleidsdiscussies maar van de economie. Hoe het precies uitpakt varieert per sector, maar het principe is en blijft: in een crisis vangen zzp’ers de eerste klappen op, bij herstel profiteren ze als eerste.

Wat gaat de freelance journalist merken van dit alles?

Het grootste probleem van freelance journalisten is dat ze met te veel zijn, in een markt waar hun kennis en vaardigheden laag worden gewaardeerd. Via de lijn van de sociale zekerheid of de lijn van afbakening werknemer/zelfstandige verander je daar hooguit in de marge wat aan.

Wat kan ik zelfstandig werkenden in de journalistiek aanraden om zich hiertegen te wapenen? Heeft het bijvoorbeeld zin als ze eenmanszaak omzetten in een bv?

Om ondanks een eventuele strengere afbakening van werknemer en zelfstandige toch als freelancer te kunnen blijven werken? Daar helpt een bv niet echt tegen, want als er sprake is van schijnzelfstandigheid kijkt de Belastingdienst zoals dat heet door die bv heen en moet de opdrachtgever alsnog loonbelasting en premies betalen.

Het enige is dat Belastingdienst niet snel prioriteit zal geven aan handhaving bij bv’s, maar daar kan noch opdrachtgever noch opdrachtnemer zekerheid aan ontlenen. Bovendien: voordat een bv voordeliger wordt dan een eenmanszaak, moet je toch zeker rond de 100.000 euro winst per jaar maken. Dat geldt ook voor de DU-BV en de Uniforce BV. Hoeveel freelance journalisten zitten op dat niveau?

Als je in de journalistiek werkt en je wilt daarbij echt zelfstandige blijven, moet je goed opletten dat je wegblijft van:

  • opdrachten die slecht betalen (minder dan anderhalf keer het bruto cao-loon)
  • opdrachten waar je opdrachtgever voorschrijft waar, wanneer en hoe je moet werken, en
  • opdrachten waar je langer dan drie maanden op een redactie zit (zeker als dat in een dienstrooster is).

Dus:

  • gedraag je als een ondernemer
  • maak je niet afhankelijk van een paar klanten cq van een paar soorten werk
  • investeer in jezelf en in je onderneming, en
  • blijf je ontwikkelen

Als je wel in de journalistiek wilt blijven maar niet per se als zelfstandige, kun je een aarzelende opdrachtgever altijd nog een opt-in voorstellen. Dan houdt hij loonbelasting en premies voor je in, ben je verzekerd voor de werknemersverzekeringen, maar je komt niet in loondienst. Of je maakte er een payroll-constructie van. Dan word je ook een soort werknemer maar op de condities van een soberdere cao.

Als je onverhoopt toch vastloopt in wat je doet, kijk eens wat verder om je heen, waar je je ken nis en vaardigheden ook kunt inzetten en waar ze misschien wel meer worden gewaardeerd. Er is ook leven buiten de journalistiek!

Kan de Deliveroo-uitspraak ook gevolgen hebben voor journalistieke freelancers met vaste klussen?

Dat kan ik me moeilijk voorstellen. We hebben het hier over een specifieke uitspraak die betrekking heeft op de feiten en omstandigheden van een bijzondere situatie. Bovendien wordt die uitspraak aangevochten in hoger beroep, waarbij Deliveroo me niet bepaald kansloos lijkt. Ik zou me daar dus niet druk over maken, behalve als onderwerp voor leuke stukjes.

UPDATE 1-3-2019: typefouten hersteld en tips van alinea’s omgezet in bullet points

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *