Miljoenennota 2019: minder belastingdruk voor alle werkenden, behalve ZZP’ers boven modaal

Wat wil het kabinet in 2019 met werk en zekerheid, flex en zzp? Staat er nog wat nieuws in de Miljoenennota of in een van de vele bijlagen? Ik zocht het uit op verzoek van ZiPconomy. Hieronder een gecorrigeerde en aangevulde versie.

In een troonrede die in het teken stond van ‘bouwen aan een hechte samenleving’ feliciteerde het kabinet-Rutte III zich vandaag met de gunstige economie. Die biedt ruimte om de sociaaleconomische structuur van ons land ‘sterker en moderner’ te maken, sprak de koning.

Een belangrijk middel voor die structuurversterking is blijkbaar het wetsvoorstel Arbeidsmarkt in balans, dat minister Koolmees nog dit najaar naar de Tweede Kamer hoopt te sturen. Zijn voornaamste doel daarmee is om het voor werkgevers minder risicovol te maken mensen een vast contract aan te bieden.

‘ZZP’ers die bewust kiezen voor het ondernemerschap wordt niets in de weg gelegd’

Onder dezelfde noemer van ‘sterker en moderner’ wil het kabinet schijnzelfstandigheid tegengaan. De troonrede stipuleert in dit verband dat zzp’ers die bewust kiezen voor het ondernemerschap, niets in de weg wordt gelegd. Een niet ondubbelzinnige uitspraak, die zowel een kwalificatie kan zijn van de plannen die voorliggen voor de opvolging van de Wet DBA, als een eis aan de nadere uitwerking daarvan.

Wat betreft de sociale zekerheid, stelde de troonrede nog maar eens vast dat het huidige pensioenstelsel de verwachtingen van mensen steeds minder waarmaakt. Het kabinet zegt (nog steeds samen met de sociale partners) te blijven werken aan ‘een pensioenstelsel dat deze kwetsbaarheden niet kent en dat tegelijkertijd sterke elementen als de collectieve uitvoering en risicodeling handhaaft.’

Zelfstandigenaftrek afhankelijk maken van premiebetaling?

Een belangrijk document dat ten grondslag ligt aan de Miljoenennota is Macro-Economische Verkenning van het Centraal Planbureau. Die bevat dit jaar een interessante maar wat vrijblijvende bespiegeling over de zelfstandigenaftrek. Moet die afhankelijk worden gemaakt van het al dan niet betalen van premies voor verzekeringen en pensioenen, zoals wel wordt bepleit?

Een duidelijk ja of nee levert het gedachtenspel van het CPB niet op. ‘Het conditioneel maken van de zelfstandigenaftrek op bijvoorbeeld verzekering van arbeidsongeschiktheid en ziekte leidt tot meer verzekering van zzp’ers maar biedt geen oplossing voor de concurrentie op arbeidskosten tussen werknemers en zzp’ers.’ Mooi voor wie zzp’ers met verplichte collectieve regelingen meer bescherming wil bieden, minder voor wie had gehoopt daarmee van hen af te zijn.

Onafhankelijke commissie voor arbeidsmarkt, sociale zekerheid en fiscaliteit

De Miljoenennota zelf bevat een uitgebreide beschouwing over de arbeidsmarkt, die grotendeels ontleend lijkt aan de begroting van het ministerie van Sociale Zaken en Werkgelegenheid.

Het kabinet herhaalt nog maar eens de stelling uit het regeerakkoord dat zzp’ers, flexwerkers en werknemers elkaars concurrent zijn geworden op de arbeidsmarkt. Daarom moet schijnzelfstandigheid worden bestreden. Maar mensen die welbewust kiezen voor een bestaan als zzp’er mag niets in de weg worden gelegd.

Het is ‘geen eenvoudige opgave’ om al die wensen in wetgeving te vangen, moet het kabinet twee jaar na de invoering van de Wet DBA vaststellen. Om de impasse te doorbreken, gaat er een onafhankelijke commissie onderzoeken of ons huidige stelsel nog wel aansluit op de arbeidsmarkt van nu en van de toekomst. Die commissie zal zich niet alleen moeten bezighouden met het arbeidsrecht en de sociale zekerheid, maar ook met de fiscaliteit. 

Bij mijn weten was dat drie jaar geleden ook de opdracht aan de Interdepartementale werkgroep IBO-ZZP. Het eindrapport daarvan verdween anderhalf jaar geleden al kort na verschijnen in een diepe la. Naar verluidt omdat het de bal teruglegde bij de politiek in plaats van hem in te koppen.

Kabinet blijft hoop houden pensioenakkoord

Uit de begroting van Sociale Zaken en Werkgelegenheid blijkt verder dat het kabinet er nog steeds op ‘hoopt en vertrouwt’ op korte termijn samen met de sociale partners de noodzakelijke stappen te kunnen zetten om het pensioenstelsel te vernieuwen.

‘Na jaren van gezamenlijke probleemanalyse en gemeenschappelijk overleg is nu de tijd gekomen om samen aan de slag te gaan om ons pensioenstelsel klaar te maken voor de toekomst,’ schrijft minister Koolmees.

Voor zzp’ers wil hij het aantrekkelijker maken om dan ‘mee te doen’. Waaraan precies (aan pensioenfondsen of aan andere oplossingen) laat hij echter in het midden. In elk geval moet de afschaffing van de ‘doorsneesystematiek’ het makkelijker maken keuzemogelijkheden te introduceren. Daarvan zouden dan vooral zzp’ers kunnen profiteren.

In dezelfde sfeer van de sociale zekerheden, kan de AFM van minister Koolmees een verzoek tegemoetzien om een onderzoek uit 2011 naar de arbeidsongeschiktheidsverzekeringen van zzp’ers nog eens te herhalen.

Belastingdruk voor werknemers en dga’s omlaag, voor bovenmodale zzp’ers omhoog

Het meest concrete deel van het prinsjesdagpakket is altijd het Belastingplan. Daarin worden de fiscale gevolgen van alle maatregelen voor burgers en bedrijven in hun onderlinge samenhang behandeld.

Uit het Belastingplan 2019 blijkt dat na protesten uit het midden- en kleinbedrijf de door directeuren/grootaandeelhouders gevreesde verhoging van het box 2-tarief uit het regeerakkoord enigszins wordt verzacht. De gedachte is nu om het tarief niet van 25% stapsgewijs te brengen naar 28,5% maar naar 26,9% in 2021.

‘Door het Belastingplan 2019 wordt het verschil in gemiddelde belasting- en premiedruk tussen de werknemer, de dga en de IB-ondernemer kleiner’

Het kabinet zet stevig in op verkleining van de verschillen in lastendruk tussen werknemers, directeuren/grootaandeelhouders, en ondernemers voor de inkomstenbelasting (eenmanszaken, waaronder zzp’ers).

De concretisering daarvan laat zich nog lastig beoordelen doordat er in 2019 veel maatregelen samenkomen, zoals de invoering van een tweeschijvenstelsel, de verlaging van de kosten op arbeid, en de verhoging van de algemene heffingskorting.

Exacte cijfers over het effect ontbreken dan ook, maar uit het Belastingplan valt al wel op te maken dat in 2019 de gemiddelde belasting- en premiedruk vooral voor werknemers en dga’s omlaag gaat.

IB-ondernemers met een brutowinst tussen 30.000 en 60.000 euro lijken ook te profiteren, maar tussen de 70.000 en de 120.000 euro kan de druk van belastingen en premies met tot wel 5 punten toenemen (figuur 10, voor de liefhebbers).

Een factor in die achteruitgang is de beperking van de zelfstandigenaftrek. Die gaat alleen nog maar tegen het tarief van de laagste schijf. In het nieuwe tweeschijventarief wordt dat 36,93%, zodat het voordeel nooit groter is dan 2.907 euro netto.

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *