Ondernemen naast een baan: hoe faciliteren we hybride carrières?

Een baan combineren met een eigen onderneming, daar ging Werkverkenners over op 20 november 2018. Een interessant fenomeen. Jammer dat ‘de polder’ er niet goed raad mee weet. Dat kan beter!

Vrouw verruilt Zweedse klompen voor hoge hakkenUit onderzoek van het CBS weten we dat in Nederland ruim 250.000 mensen een baan in loondienst combineren met zelfstandig ondernemerschap. Zij blijken dat vooral te doen met het oog op hun persoonlijke ontwikkeling of vanwege de afwisseling. Zo hebben ze meer variatie in werkzaamheden en contacten, en kunnen ze zich op breder ontwikkelen. Een heel andere motivatie hebben de 350.000 werknemers met meerdere banen in loondienst naast elkaar. Hun drijfveer is vooral financieel, om de eindjes aan elkaar te knopen.

Sector cultuur, sport en recreatie aan kop

Degenen die een baan in loondienst combineren met een baan als zelfstandige, werken (nog steeds volgens het CBS) met gemiddeld 38 uur per week fors meer uren dan werknemers, maar ongeveer evenveel als degenen die uitsluitend als zelfstandige werkzaam zijn. Werknemers met één baan werken gemiddeld 30 uur per week, en mensen die twee werknemersbanen combineren besteden daar gemiddeld 29 uur per week aan.

De combinatie van werknemerschap met zelfstandigheid lijkt tot nu toe vooral iets voor de wat ouderen en de hoger opgeleiden, waarbij vrouwen en mannen elkaar ongeveer in evenwicht houden. Jongeren en lager opgeleiden zijn juist oververtegenwoordigd bij de werknemers met een tweede baan in loondienst.

Hoe vaak hybride carrières en stapelbanen voorkomen, verschilt nogal per sector. De cultuur, sport en recreatie gaat aan kop met 14%. Daarna komen het onderwijs en de zakelijke dienstverlening met 10% en de met zorg met 9%. Hekkensluiters zijn de financiële dienstverlening met 4% en de bouw met 3%.

Freelancers, stapelaars en slashers

Tegen het combineren van banen – hetzij als werknemer slash werknemer hetzij als werknemer slash zelfstandige – wordt nogal verschillend aangekeken. In zijn helaas nog steeds niet in het Nederlands vertaalde boek Travail, la soif de liberté toont Denis Pennel van de World Employment Confederation zich er een groot voorstander van.

Volgens Pennel is ‘diversificatie’ het sleutelwoord voor de arbeidsmarkt van morgen. De vaste baan voor het leven heeft afgedaan. De toekomst is aan de freelancers, de stapelaars en de ‘slashers’. Hun manier van werken is de beste fit, zowel met de economie die steeds meer ‘on demand’ wordt als met de wensen en verwachtingen van een steeds hoger opgeleide en geëmancipeerde beroepsbevolking.

De Nederlandse ‘polder’ loopt vooralsnog minder warm voor dat moderne werken dan de Franse arbeidsmarktdeskundige met zijn wereldwijde netwerk. De Sociaal-Economische Raad wijdde voorjaar 2018 een Verkenning aan het verschijnsel.

Tweeslachtigheid

In die verkenning wordt het verschijnsel weliswaar positief gewaardeerd omdat het een bijdrage levert aan een inclusieve samenleving waarin iedereen kan meedoen, maar is er vooral ook zorg om lager betaalden die aangewezen zijn en blijven op meerdere deeltijdbanen.

Het advies waar de SER uiteindelijk toe komt, weerspiegelt die tweeslachtigheid. Het kabinet krijgt zowel de oproep om het combineren makkelijker te maken door belemmeringen in wet- en regelgeving weg te nemen als de vraag om meer aandacht te besteden mensen bij wie het combineren van banen knelt. Zo zou het voor die groep makkelijker moeten worden gemaakt om meerdere kleine baantjes samen te voegen tot een grote.

Roos Wouters zou je in deze discussie de Nederlandse Pennel kunnen noemen. Als ‘aanjager’ van de Werkvereniging zet zij de behoeften van modern werkenden op de kaart en maakt zij inzichtelijk wat deze groeiende groep nodig heeft om optimaal te kunnen functioneren op een arbeidsmarkt in beweging.

Modern Werkenden

In een interview over wat haar beweegt en wat zij beoogt, schetst Wouters hoe we vroeger of werkgever waren of werknemer, of heel misschien een kleine zelfstandige. ‘Tegenwoordig is dat onderscheid niet zo scherp meer. Je ziet steeds meer mensen die studeren en die daarnaast een baan hebben of als zzp’er ondernemen. Werknemers hebben naast hun baan een eigen bedrijf of doen vrijwilligerswerk. Pensioengerechtigden werken nog een aantal jaren door in hun vak of slaan een heel andere richting in.’

‘Het is tegenwoordig niet meer alleen of of, maar steeds vaker en en’, weet Wouters. ‘Al die mensen die zich niet in een hokje laten stoppen als vast of flex, als werknemer of werkgever, maar die voor zichzelf een hybride loopbaan creëren al naar gelang hun wensen en behoeften, dat noem ik Modern Werkenden.’

Sociale zekerheden koppelen aan het individu

Net als de SER vindt Wouters dat wetten en regels moeten worden aangepast op de wensen en verwachtingen van die Modern Werkenden, maar zij gaat daar wel een stapje verder in dan de polderpartijen. Volgens haar kunnen mensen pas echt in vrijheid hun leven en hun werk inrichten als hun sociale zekerheden zijn gekoppeld aan hen als individu in plaats van dat die afhankelijk zijn van hun vaak tijdelijke formele relaties tot de arbeidsmarkt.

Daarom pleit Wouters met de Werkvereniging voor één basisverzekering voor álle werkenden. ‘Daarmee krijgt iedereen de mogelijkheid om flexibel te werken in combinatie met basale zekerheid. Mensen met vaste contracten kunnen zo weer mobieler worden zonder hun opgebouwde rechten te verliezen. Flexwerkers en zzp’ers krijgen zo toegang tot collectieve sociale zekerheden en opleidingsgelden.’

Deze column werd oorspronkelijk geschreven voor BNR Brainnet Werkverkenners

 

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *