Straks in de gemeenteraad? Dan nu lief zijn voor ZZP’ers

In de aanloop naar de gemeenteraadsverkiezingen worden lokale politici zich meer en meer bewust van het belang van zzp’ers. Al was het maar omdat die samen zo’n acht procent van het electoraat vormen.

Wie daar een beetje rekening mee wil houden, kan op 21 maart 2018 goede zaken doen.

Je staat er niet elke dag bij stil, maar zzp’ers hebben op allerlei manieren met de gemeente van doen. Niet alleen als inwoner maar ook als ondernemer.

Bijvoorbeeld doordat de gemeente lokale belastingen heft, sociale regelingen uitvoert, en regelmatig werk uit te besteden heeft. Daarbij kan de gemeente meer rekening houden met zzp’ers of minder.

‘Lokaal liggen de tegenstellingen minder scherp’

De afgelopen vier jaar zijn veel gemeentes wakker geworden als het gaat om zzp’ers. Al was het maar doordat ze steeds vaker worden geconfronteerd met de gevolgen van landelijk beleid.

Het beste voorbeeld is de wet DBA. Hard optreden tegen schijnzelfstandigheid is fijn voor de schatkist, omdat er dan minder mensen aanspraak kunnen maken op zelfstandigenaftrek. Maar iemand die niet meer als zelfstandige kan werken en ook geen werk in loondienst kan vinden, komt uiteindelijk in de bijstand terecht. En wie draait daarvoor op? De gemeente.

Afgelopen weken ben ik door drie totaal verschillende politieke partijen gevraagd om mee te denken over de zzp-paragraaf in hun verkiezingsprogramma. Geen probleem, want lokaal liggen de tegenstellingen een stuk minder scherp dan landelijk.

Wie zijn dat eigenlijk, die lokale zzp’ers?

Wat gemeentes de komende jaren kunnen en moeten doen, hangt af van nogal wat factoren. Een handicap daarbij is dat lokale politici en ambtenaren vaak maar een heel globaal beeld hebben van ‘hun’ zzp’ers.

Wie zijn dat eigenlijk, in welke sectoren werken ze, waar dromen ze van, wat zijn hun mogelijkheden, waar lopen ze tegenop, aan welke ondersteuning hebben ze behoefte, en wat verwachten ze van de gemeente?

Het eerste wat ik al die partijen dus aanraad, is om aan burgemeester en wethouders te vragen dat eens goed in kaart te brengen. Dan weten ze tenminste waar ze het over hebben en dan kunnen ze straks goed geïnformeerd kiezen waar ze komende vier jaar op inzetten.

Ondertussen kunnen ze er van een aantal problemen sowieso op aan dat die vroeger of later zullen gaan opspelen. De belangrijkste daarvan zijn de manier waarop de gemeente omgaat met het Besluit bijstandverlening zelfstandigen (Bbz), de Aanbestedingswet 2012, en de wet Deregulering Beoordeling Arbeidsrelaties.

Besluit bijstandverlening zelfstandigen

Zelfstandigen (met of zonder personeel) die even krap zitten maar een bedrijf hebben dat op zich levensvatbaar is, kunnen een beroep doen op de Bbz. Daaruit kunnen ze een renteloze lening krijgen of een tijdelijke aanvulling van hun inkomen tot bijstandsniveau. Vaak is een paar duizend euro al genoeg om weer voort te kunnen.

De Bbz is een mooie ondernemersregeling die weinig kost en die veel oplevert. Maar de beoordeling van aanvragen wordt steeds strenger. Aanvragers krijgen steeds vaker de raad om hun bedrijf maar op te heffen en in loondienst te gaan of zich aan het bijstandsloket te vervoegen.

De toegang tot de Bbz afknijpen is voor een gemeente even dom als kortzichtig. Want daarmee pak je zelfstandigen die kunnen en willen ondernemen de mogelijkheid af om zelf hun broek op te houden. De beoordeling van aanvragen vindt vaak plaats door externen, maar altijd in opdracht van de gemeente. Die kan daarin dus sturen. Doe dat dan ook.

Aanbestedingswet 2012

En dan de Aanbestedingswet 2012. Die was bedoeld om zzp’ers en het kleinere mkb een eerlijke kans te geven op opdrachten van de overheid. Ook lokaal. Te vaak gingen die als een automatisme naar grote bedrijven en instellingen. Tot nu toe heeft de wet daar amper verbetering in gebracht. De kneep zit hem in de uitvoering.

Veel gemeentes hebben de richtlijnen van de Aanbestedingswet nog niet vertaald in lokaal beleid. Vaak krijgen kleine bedrijven het niet eens te horen als de gemeente werk te vergeven heeft. En als er al een openbare aanbesteding is, worden er nog steeds eisen gesteld waar zij onmogelijk aan kunnen voldoen. Zelfs als dat voor de kwaliteit van de uitvoering niet nodig is. Behalve niet snugger is dat ook nog eens discriminerend.

Inhuur van zzp’ers onder de wet DBA

Iets wat vergelijkbaar is met het gedoe rond de Aanbestedingswet, is er aan de hand met de inhuur van zzp’ers. Voor de invoering van de wet Deregulering Beoordeling Arbeidsrelaties deden gemeentes dat graag, omdat zzp’ers op een flexibele manier extra capaciteit en expertise kunnen leveren als daar behoefte aan is.

Sinds de wet DBA van kracht is, hebben sommige gemeentes de directe inhuur van zzp’ers taboe verklaard, zonder dat er in de praktijk iets aan de arbeidsrelaties is veranderd.

Het alternatief (zzp’ers inhuren via een detacheerder, uitzender of payroller) is duurder voor de gemeente en speelt bemiddelaars in de kaart ten koste van zelfstandigen uit de eigen gemeente.

Als iets vroeger kon op basis van zelfstandigheid, dan kan dat nu nog steeds. Aan het arbeidsrecht is niets veranderd. Ook hier geldt: waar een wil is, is een weg.

‘Als ik in de gemeenteraad wilde, dan zou ik het wel weten’

Van alle rollen die een gemeente speelt richting zzp’ers, is die als opdrachtgever misschien wel het belangrijkst. Hoe meer kansen zzp’ers krijgen bij aanbesteding en inhuur, hoe beter het gaat met hun bedrijf. En als het goed gaat met hun bedrijf, kunnen ze meer belasting betalen en hoeven ze minder gauw een beroep te doen op allerlei uitkeringen en kortingen.

Als ik in de gemeenteraad wilde (geen haar op mijn hoofd die eraan denkt) dan zou ik het wel weten.

Een gedachte over “Straks in de gemeenteraad? Dan nu lief zijn voor ZZP’ers

  1. Jan van der Ploeg

    Bij veel gemeenten zijn het de beleidsbepalers die de keuze voor enkelvoudige opdrachten verlenen. Vaak ook aan dezelfde partijen waar ze al jaren zaken mee doen. Dit ondanks dat men moet motiveren waarom juist aan deze partij is gegund. Er moeten ook andere partijen in de gelegenheid worden gebracht. Dit geldt ook voor de inhuur. De trend die ik zie is dat er meer naar resultaatopdrachten worden vertrekt. Dit mede gezien het feit dat men al aan de max van het aantal percentage zit wat mag worden ingehuurd.
    Vele kleine gemeentes hebben vaak nog niet in kaart wat ze willen gaan aanbesteden. Ook contact met lokale ondernemers is er vaak niet zodat men ook niet weet welke lokale ondernemers er zijn om opdrachten te kunnen gunnen.

    Reageren

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *