Weinig verschil tussen ZZP’ers van voor, tijdens en na de crisis

Werkverkenners gaat 18 juni over mensen die zzp’er zijn geworden vanuit een mooie baan met goudgerande arbeidsvoorwaarden. Was dat een goeie keus, met de wijsheid van nu? En maakt het nog uit of ze zijn begonnen voor, tijdens of na de kredietcrisis? Ik ben vooral benieuwd naar hun persoonlijke ervaringen. Want voor zover daar iets over bekend is, lijkt het op macroniveau weinig uit te maken.

Je hebt van die mensen. Die een baan hebben waar vrienden en kennissen jaloers op zijn. Die daar een prachtig salaris mee verdienen. Die een auto van de baas rijden. Die zelf amper hoeven bij te dragen aan hun pensioenregeling. Die elk jaar vakantiegeld krijgen. En een dertiende maand. En misschien ook nog wel een bonus.

De meeste mensen die eenmaal zo’n baan hebben, doen dag in dag uit hun stinkende best om hem zo lang mogelijk te houden. Maar je hebt er ook bij wie op een gegeven moment een gevoel begint te knagen van “Is dit alles?” Vaak gaat dat vanzelf weer over, maar niet altijd.

Lukt het niet om vrede te vinden met de dingen zoals ze zijn, gaan die gouden ketenen waarmee je vastzit aan je baan en aan je baas echt te hard knellen, dan heb je een paar opties. Een daarvan is: voor jezelf beginnen, een eigen bedrijf opzetten, als zelfstandige met of zonder personeel.

Startersprofielen

Op dit punt aangekomen zou ik dolgraag verder willen gaan met u te melden hoeveel mensen per jaar die stap zetten – maar dat weet eigenlijk niemand. We kunnen het hooguit bij benadering vaststellen, aan de hand van de startersprofielen die de Kamer van Koophandel regelmatig publiceert. Daarin wordt onderscheid gemaakt in verschillende leeftijdscategorieën.

Waar wij voor dit doel in geïnteresseerd zijn, is de groep die waarschijnlijk al wel een paar carrièrestapjes heeft gemaakt maar nog niet zo veel dat het einde van de loopbaan in zicht komt. Zeg de 40- tot 55-jarigen. Dan heb je het over hooguit 30% van de startende ondernemers, in termen van 2018 maximaal 50duizend. De meeste starters zijn jonger of ouder dan onze groep.

Feiten- en cijfergewijs houdt hier onze zoektocht naar de starters die hun gouden ketenen hebben verbroken eigenlijk al op, want hierna wordt het alleen maar vager en ongrijpbaarder. Om te beginnen moeten we daarvoor inzoomen op de groep die zelfstandige zonder personeel wordt. Die worden als maatschappelijk probleem ervaren dus wordt er naar hen onderzoek gedaan, veel meer dan naar de zelfstandigen mét personeel.

50duizend in 2018

Van de mensen die de afgelopen jaren zijn gestart als zzp’er weten we hoeveel het er waren voor, tijdens en na de crisis, en hoeveel nu. In alle leeftijdscategorieën samen in 2007 zo’n 95duizend, in 2009 105duizend, in 2013 150duizend, en in 2018 168duizend. In de ‘gouden ketenen categorie’ zou dat dan bij benadering zijn 29duizend in 2007, 31duizend in 2009, 45duizend in 2013, en 50duizend in 2018.

Tijdens de crisis bleef de groep waar wij het over hebben in aantal wel toenemen maar minder dan daarvoor: voor werknemers leek het verstandig om te blijven zitten waar ze zaten. Na de crisis liep de teller echter weer snel op. Toen deden er zich ineens volop mogelijkheden voor om als zelfstandige aan de kost te komen, meer dan om binnen een staande organisatie carrière te maken.

Vijfjaarsoverleving

Wat we verder nog weten is hoeveel van de mensen die in een gegeven jaar als zzp’er zijn gestart vijf jaar later nog steeds op die basis werkten. Historisch schommelt die vijfjaarsoverleving rond de 50%. Voor de starters uit de crisisjaren 2009 en 2010 was het maar 42%, en voor de starters uit het hersteljaar 2013 was het juist weer 59%.

Als verklaring voor die dip in de overlevingskans is wel geopperd dat in een crisis het ondernemersrisico sowieso hoger is dan normaal en dat degenen die toen startten misschien niet over voldoende ondernemersvaardigheden beschikten om daar het hoofd aan te bieden. Maar uitgezocht is het nooit. Dat is dus een mooi onderwerp voor ervaringsverhalen in de uitzending.

Amper variatie door de jaren heen

Alles wat we verder over de goudenkettinggangers kunnen zeggen, is bij nog grovere benadering en laat nog minder variatie zien door de jaren heen. We moeten het doen met data over startende zzp’ers in het algemeen.

  • Het aandeel vrouwelijke starters nam langzaam toe van 32% vlak voor de crisis (2007) tot 40% in de crisis (2010) en zakte terug naar 36% in 2018.
  • Het aantal mensen met een allochtone achtergrond die als zelfstandige beginnen, neemt met de jaren langzaam toe. De crisis heeft daar een klein rimpeltje in veroorzaakt maar dat mag geen naam hebben: 15duizend in 2005, 18duizend in 2009, 20duizend in2010, en 30duizend in 2013.
  • Favoriete branches voor starters waren, zijn en blijven de zakelijke dienstverlening, de persoonlijke dienstverlening en de bouw. De detailhandel komt steevast op de vierde plaats, met een dip tijdens de crisis en in de eerste jaren daarna.
  • De regio’s die de meeste starters trekken zijn al decennialang Zuid-Holland, Noord-Holland en Noord-Brabant.

Uitzondering of regel?

Over het gemiddelde opleidingsniveau van de starters weten we weinig, behalve dat het altijd wat hoger ligt dan het gemiddelde van alle werknemers. Over het functieniveau waarop ze werkten toen ze nog in loondienst waren, is überhaupt niets bekend. Dus hoe het op macroniveau zit met de mannen en vrouwen die hun gouden ketenen hebben verbroken? Joost mag het weten.

Vandaar dat ik oprecht heel nieuwsgierig ben naar de persoonlijke verhalen en impressies van de ervaringsdeskundigen die hopelijk in Werkverkenners aan het woord komen, want dat kan toch een idee geven. Maar wat u ook hoort, dinsdag 18 juni tussen 19:00 en 19:30 op BNR Nieuwsradio of later in de podcast, bedenkt u wel dat het voor hetzelfde geld de uitzondering kan zijn als de regel.

Deze tekst werd oorspronkelijk geschreven als column voor BNR Brainnet Werkverkenners

 

 

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *