Slim omgaan met slimme ZZP’ers: kansen voor intermediairs

Op 18 februari mocht ik een presentatie geven tijdens een seminar van IT-Staffing over de Wet Deregulering Beoordeling Arbeidsrelaties. Ik betoogde dat voor intermediairs die wet niet alleen een kans is, maar ook een bedreiging. Ondanks het (tijdelijke?) positieve effect op omzetten en winsten is dit geen tijd voor zelfgenoegzaamheid.

Intermediairs, waarvan IT-Staffing er niet zo maar een is, maken van de relatie tussen opdrachtgever en opdrachtnemer een driehoeksverhouding. Dat kan heel goed werken, mits alle betrokkenen daarin aan hun trekken komen.

ITstaffingIn de voorbereiding op de invoering van de Wet DBA hebben de intermediairs zich (terecht) pro-actief opgesteld en een redelijk sluitende modelovereenkomst opgesteld voor arbeidsrelaties waarin sprake is van tussenkomst. Nu de Belastingdienst die heeft goedgekeurd, moeten zij bij de uitwerking ervan niet alleen de opdrachtgevers betrekken maar ook de zzp’ers.

Kapitaal met voetjes

Voor de positie van die zzp’ers is tot nu toe weinig aandacht geweest. Toch vormen die zzp’ers een belangrijk deel van het bedrijfskapitaal van de intermediair – kapitaal met voetjes, dat dus ook weg kan lopen. Alleen al daarom zou het verstandig zijn om de transitiefase van 1 mei 2016 tot 1 mei 2017 goed te benutten.

Net als met de opdrachtgevers moeten de intermediairs ook met de zzp’ers nagaan welke vrijheden de praktijk eist en hoe die vrijheden kunnen worden beschermd tegen de starheid van het fiscale frame.

Als die bescherming onverhoopt niet kan worden gegarandeerd, dan wordt het juist voor de beste zzp’ers een stuk minder aantrekkelijk om in een tussenkomst-constructie te werken.

Laten we om te beginnen even stilstaan bij wie die zzp’ers eigenlijk zijn, en hoe zij vanuit hun perspectief aankijken tegen de Wet DBA en de modelovereenkomsten.

Horror stories in de media

Volgens de definitie die het Centraal Bureau voor de Statistiek er tegenwoordig op na houdt, zouden er in dit land ruim 1,3 miljoen zzp’ers zijn. Daarin wordt dan iedereen meegeteld die arbeid verricht zonder daarvoor in loondienst te zijn, van de scholier met een krantenwijk tot de gepensioneerde die wat bijverdient door op de naburige hogeschool te surveilleren bij tentamens.

Het is over die veel te ruim gedefinieerde en dus ongelooflijk heterogene groep dat de horror stories gaan die in de media rondzingen: de helft zou niet kunnen rondkomen van zijn inkomen als ondernemer, slechts een derde zou een reserve opbouwen voor zijn oude dag, en maar een vijfde zou een verzekering hebben afgesloten tegen arbeidsongeschiktheid. De helft, een derde, een vijfde – van wie?

Niet omdat die mensen geen zzp’er zouden mogen zijn maar om de discussie weer zuiver te krijgen, streep ik een aantal groepen weg. De 200.000 die zzp’en naast een uitkering of een pensioen, de 300.000 die zzp’en naast een hoofdbetrekking in loondienst, en de 300.000 zzp’ers met meer of minder neveninkomsten uit loondienst.

Maximaal 500.000 echte zzp’ers

Dan resteren er maximaal 500.000 echte zzp’ers. Mensen die vaak hoog opgeleid zijn, die bewust hebben gekozen voor het ondernemerschap, die er 100% voor gaan, die precies weten waar ze mee bezig zijn, die dat willen blijven doen ook, die deels wel door de crisis zijn geraakt maar inmiddels hun inkomen weer op het peil hebben van voor die tijd, en die zelf hun risico’s managen (zij het niet noodzakelijk via de gangbare verzekeringsproducten).

Een kwart van de zzp’ers levert producten of diensten direct aan consumentenmarkt. Zij verschijnen niet op de radar van de intermediair en blijven verschoond van verplichtingen uit hoofde van de Wet DBA.

Driekwart van de zzp’ers echter is actief op de zakelijke markt en biedt daar zijn eigen werk- en denkkracht aan. De meeste van hen laten zich daarvoor direct contracteren door opdrachtgevers in het mkb en in het grootbedrijf, en kleiner deel laat zich (al dan niet structureel) bemiddelen.

Waarde creëren voor klanten

De opdrachtgevers van die zzp’ers hebben verschillende redenen om met hen te willen werken. Een deel draait om het klassieke “piek en ziek”. Een ander deel zal ongetwijfeld neerkomen op het willen vermijden van verplichtingen die een werkgever wel aan werknemers heeft en niet aan zzp’ers.

Belangrijker echter dan die triviale factoren – zeker in de beleving van de zzp’er – zijn de behoefte van de opdrachtgever aan specifieke kennis en vaardigheden, aan een frisse blik, flexibiliteit, en aan intrinsieke motivatie voor de klus die moet worden geklaard.

Die factoren sluiten nauw aan bij wat die zzp’ers zelf willen bereiken, in leven en werk: waarde creëren voor klanten, zich professioneel ontwikkelen, de voldoening die komt met de beleving van autonomie en eigen baas zijn, en last but not least een financiële beloning die direct gerelateerd is aan de toegevoegde waarde.

Die drijfveren, die moet u even vasthouden voor als we op het eind van dit betoog op de grote vraag komen hoe u als intermediair of als opdrachtgever slim omgaat met die slimme zzp’ers.

Henk en Greet met het vakbondspasje

We hebben het dus over maximaal 500.000 echte zzp’ers in Nederland: bewuste zelfstandige professionals die voor eigen rekening en risico werken, die braaf belasting betalen, die waarde creëren voor hun klanten, en die per saldo prima voor zichzelf kunnen zorgen.

Dat beeld is totaal op de achtergrond geraakt in de politieke discussie, in de beleidsvorming, en in de nieuwe wet- en regelgeving.

Ook in de aanloop naar de Wet DBA ging het weer hetzij over verkapte werknemers (zonder rechten, die door het ijs zakken, en die echte banen nodig hebben voor echt werk) hetzij over fat cats (die hun zakken vullen met buitensporige tarieven, bij voorkeur bij de overheid en de not-for-profits).

Dat beeld sluit aan bij wat een team van onderzoeksjournalisten vond toen zij zich vorig jaar verdiepten in het het debat over zzp’ers voor en na de crisis. Hun boek ZZP’ers, marktvernieuwers of marktverziekers laat mooi zien hoe die zzp’ers eerst de helden heetten van de economie die zorgden voor flexibiliteit, innovatie en groei – en hoe zij vervolgens werden neergezet als een gevaar voor de duurzaamheid van de overheidsfinanciën, voor de houdbaarheid van het sociale stelsel, en voor de vaste banen van Henk en Greet met het vakbondspasje.

“De Wet DBA is een wapen in de strijd tegen de zzp’er”

Naar mijn persoonlijke overtuiging en naar die van veel echte zzp’ers met mij, is in de strijd tegen dat gevaar de Wet DBA een van de voornaamste wapens. Waarom?

Het met de mond beleden doel van de wet is schijnzelfstandigheid bestrijden: als dat al een probleem is, dan doet’ie dat niet. En de wet zou opdrachtgevers zekerheid geven vooraf, op basis van door de belastingdienst goedgekeurde modelovereenkomsten: dat doet’ie ook niet.

Welke effecten heeft de wet dan wel? Hij leidt in de markt tot onduidelijkheid en onzekerheid, tot terughoudendheid om zzp’ers in te huren, tot substitutie van zzp-constructies door andere arbeidsrelaties (zoals bemiddeling, uitzenden, payrollen) en tot modelcontracten waarin opdrachtgevers de risico’s die de wet bij hen wilde neerleggen weer afwentelen op zzp’ers.

Bij de zzp’ers zelf slaan die effecten van de wet neer in de vorm van drie ernstige beperkingen:

  • van de vrijheid om zelf vorm en invulling te geven aan het ondernemerschap,
  • van de mogelijkheden om samen met opdrachtgevers en collega’s meerwaarde te creëren voor de klant (volwaardig participeren in gezamenlijke processen op en om de werkvloer is fiscaal een contra-indicatie voor ondernemerschap), en
  • van het aantal directe (niet-geïntermedieerde) opdrachten op basis van zelfstandig ondernemerschap.

Verhardend klimaat

In de beleving van veel zzp’ers komen die drie beperkingen van hun ondernemerschap bovenop andere trends die hen toch al zorgen baarden:

  • de verharding van het klimaat in de media,
  • het dreigende beroepsverbod voor zzp’ers in de zorg,
  • de aandrang op een verplichte verzekering tegen de financiële gevolgen van arbeidsongeschiktheid,
  • de aanhoudende pleidooien voor een verplichte pensioenopbouw,
  • de valse voorstelling van de zelfstandigenaftrek als een subsidie voor onderbetalende opdrachtgevers in plaats van als een fiscale erkenning van de financiële eisen die het persoonlijk ondernemerschap stelt.

Een reactie hierop van de kant van zzp’ers kan op den duur niet uitblijven. Nadat er lang een gevoel heeft geheerst van “ingewikkeld allemaal” en “laat mij maar gewoon mijn werk doen”, worden er nu steeds meer tekenen zichtbaar van een nieuw zelfbewustzijn. Zowel politiek als zakelijk.

Wat dat betreft is de Wet DBA voor de echte zzp’er misschien wel een blessing in disguise. Menig zzp’er vallen dezer dagen de schellen van de ogen. Voor intermediairs en hun klanten zit daar echter een risico in – een risico dat mits goed gemanaged ook in een kans kan verkeren.

“Op het Malieveld is geen Starbucks, daar hebben zzp’ers niks te zoeken”

De politieke reactie van zzp’ers zal zich afspelen buiten de traditionele kaders. De vakbonden en de politieke partijen staan met de klompen vastgezogen in de klei van de polder, en op het Malieveld is geen Seats2Meet of zelfs maar een Starbucks. Dus daar hebben zzp’ers niks te zoeken.

Waar roeren zzp’ers zich wel? Op de sociale media. Op Facebook, op LinkedIn, op Twitter. Wie daar zelf ook wel eens komt, weet hoe gemakkelijk er zwermen kunnen ontstaan van burgers die schijnbaar uit het niets op een issue duiken en dat groot maken. Denk aan het referendum over het EU-associatieverdrag van de Oekraïne, dat met minimale middelen werd afgedwongen door Geen Peil.

De kans dat zoiets ook gebeurt op het zzp-dossier is verre van denkbeeldig. Via die omweg kan dat bij de Tweede Kamerverkiezingen van maart 2017 tot stevige verschuivingen leiden. Immers: waarom zouden 1,3 miljoen zzp’ers bij wie het licht is aangegaan nog stemmen op een van de partijen die de Wet DBA mogelijk hebben gemaakt?

Een Uber voor de arbeidsmarkt

Ook in de zakelijke arena zal de toenemende druk op zzp’ers onbedoelde effecten sorteren. Een bovenlaag van hooggekwalificeerde ondernemende zzp’ers zal in de beperkingen van de Wet DBA aanleiding zien om zich niet meer als arbeidskracht te laten inhuren maar zich nadrukkelijker als business partner te positioneren.

De afgelopen jaren hebben we al interessante initiatieven van de grond zien komen waarin voormalige eenpitters gingen samenwerken om nieuwe producten en diensten te ontwikkelen, de markt bewerken, en ook grote en complexe projecten uit te voeren met een hoge toegevoegde waarde tegen lage kosten. Daarbij worden ze geholpen door slimme software die onderlinge samenwerking van zzp’ers echt een fluitje van een cent maakt, los van tijd en locatie.

Een voor intermediaire partijen minstens zo disruptieve ontwikkeling zou de ontwikkeling zijn van een Uber of een Airbnb voor de arbeidsmarkt. Uitzenders en bemiddelaars zijn in theorie een makkelijke prooi voor apps die veel slimmer en goedkoper dan zij vraag en aanbod aan elkaar kunnen koppelen. Desgewenst compleet met een modelovereenkomst op maat.

“De des-intermediëring zal niet van Asscher komen maar van ondernemende zzp’ers”

Dat zo’n killer app tot nu toe niet ten tonele is verschenen, wil niet zeggen dat die er ook niet zal komen. Misschien heeft Ineke Kooistra van uitzendbureau YoungCapital gelijk als zij in Het Financieele Dagblad zegt dat zo’n disruptor niet kan met mensen. Of Marco Bastian van brancheorganisatie NBBU, dat een algoritme niet gaat werken omdat geen opdracht of kandidaat hetzelfde is.

Maar hield V&D het in 2010 voor mogelijk dat in 2015 een webwinkel meer schoenen per dag zou verkopen dan zij zelf in een jaar? Inmiddels zijn de deuren van het warenhuis voorgoed dicht.

De des-intermediëring waar Jurrien Koops deze week nog zo luchtigjes over blogde op de site van de ABU – als die komt, dan komt die niet van minister Asscher en zijn strijd tegen de “koppelbazen” maar van een gang van ondernemende zzp’ers die een app ontwikkelen waarmee zij de arbeidsmarkt hacken.

Slim omgaan met slimme zzp’ers

Stel dat zo’n toekomst ook maar enigszins denkbaar is, dan luidt de hamvraag voor de intermediairs hoe zij zo slim kunnen omgaan met die slimme zzp’ers, dat die hen straks niet links laten liggen.

Wat waren ook al weer de drijfveren van de zzp’ers met wie de intermediairs vooral te maken hebben? Die wilden waarde creëren voor de klant, die wilden ruimte krijgen voor professionele en persoonlijke ontwikkeling, die wilden een psychologische beloning in de vorm van autonomie en eigen baas zijn, en uiteraard een passende honorering.

Wat kunnen intermediairs daartegenover stellen? Uitdagende opdrachten natuurlijk, bij interessante klanten. Relevante ontwikkelingskansen en reële mogelijkheden om die kansen te benutten. Een transparant bemiddelingsproces dat een optimale match garandeert. Een goede beloning – niet per se de hoogste maar wel fair in relatie tot de fee die de bemiddelaar ontvangt. En heel actueel, DBA-gewijs: eerlijke overeenkomsten, zonder kleine lettertjes.

“Mensen van je vervreemden is het laatste wat je moet willen in een people business”

Misschien is het de schijn die bedriegt, maar ik heb niet de indruk dat VNO-NCW, MKB Nederland en de Belastingdienst uitgebreid te rade zijn gegaan bij zzp’ers toen zij eind vorig jaar het Voorbeeld modelovereenkomst algemeen / tussenkomst opstelden.

Zelfs al staat er geen onvertogen woord in: op de zzp’ers die straks met deze overeenkomst akkoord moeten gaan om de komende jaren nog te worden bemiddeld zal deze juristerij op zijn minst een vervreemdend effect hebben. En mensen van je vervreemden, dat is het wel het laatste wat je moet willen als je in de people business zit.

Gelukkig voor de bonafide en professionele intermediair, voor zijn opdrachtgevers en voor zijn zzp’ers, hoeven we niet van de ene dag op de andere radicaal over het volledige DBA-regime. Dat het tussenkomst-model zo snel is gerealiseerd, is behalve een handicap ook een voordeel. Want daardoor kan de transitiefase tot 1 mei 2017 optimaal worden benut om – zonder de hete adem van de fiscus in de nek – de driehoeksverhouding van intermediair, opdrachtgever en zzp goed in te regelen.

“Partijen die verzuimen te bewegen, zullen hun beste zzp’ers zien weglopen”

Beschouw dat overgangsjaar waarin de Belastingdienst nog niet met de knoet handhaaft als een period of grace waarin u:

  • een streep zet door alle bepalingen in de modelovereenkomst die niet direct relevant zijn voor de fiscale kwalificatie,
  • het gesprek aangaat met uw zzp’ers over wat zij nodig hebben om in de driehoek met u en uw klant optimaal te kunnen presteren,
  • er zorg voor draagt dat het noodzakelijke proces tussen uw klant en de zzp’er, dus die gewenste praktijk op de werkvloer, naar de Belastingdienst toe compleet wordt afgedekt,
  • zodat het werk weer voorop komt te staan en niet de juristerij

Het is mijn stellige overtuiging dat de intermediaire sector alleen op die manier relevant kan blijven. Partijen die verzuimen in die richting te bewegen, zullen de komende jaren hun beste zzp’ers zien weglopen en dus ook hun beste klanten. Terwijl partijen die hun kans grijpen, hen juist sterker aan zich zullen binden en daardoor nog jaren voort zullen kunnen.

 

 

Een gedachte over “Slim omgaan met slimme ZZP’ers: kansen voor intermediairs

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *